|
Nieuwsbrief EdPG
Nieuwsbrief 1 oktober 2007 ~ Jaargang 14,
nummer 2
• Najaarsbijeenkomst,
zaterdag 17 november
• Verslag voorjaarsbijeenkomst
zaterdag 28 april
• Des voorzitters jaarverslag 2006-2007
• Publicaties
• In de pers
• Varia
Najaarsbijeenkomst
zaterdag 17 november 2007
Op zaterdag 17 november zijn we opnieuw welkom in de fraaie
bibliotheek van advocatenkantoor Bosselaars & Strengers, Arthur
van Schendelstraat 740, Utrecht. Dit ligt niet ver van het Centraal
Station.
Aanvang: 14.00 uur.
Programma:
- Kees Snoek spreekt over E. du Perron en Willem Elsschot
- Sylvia Willink-Quiël wordt door Kees Snoek geïnterviewd
over Carel Willink en E. du Perron.
Na de discussie is er gelegenheid tot napraten bij een mooi glas wijn.
Belangstellenden zijn hartelijk welkom.
Verslag
voorjaarsbijeenkomst zaterdag 28 april 2007
Circa 25 geïnteresseerden, waaronder een aantal introducés,
treffen elkaar in de Rode Zaal van het Letterkundig Museum in Den Haag,
waar ditmaal aandacht wordt besteed aan meer of minder grote literaten
en hun relatie met Du Perron.
Rob Groenewegen, die gaat promoveren op zijn biografie van Jo Otten,
spreekt over: ‘Vriend of vijand? Jo Otten en E. du Perron’.
Het contact tussen de - nu vergeten - auteur Jo Otten (1901-1940) en
E. du Perron (1899-1940) is beperkt geweest. Du Perron moest weinig
van Ottens werk hebben. Diens ‘filosofie van het ogenblik’ waarbij
het pragmatisch vinden van vrijheid voorop stond, werd door Du Perron
als ‘smeerlapperij’ afgedaan. Toch zijn er overeenkomsten
tussen de twee schrijvers. Ze werden beide geïnspireerd door het
Franse surrealisme en worstelden met de keuze tussen revolte of berusting.
Vanaf 1937 begonnen ze allebei over Multatuli te schrijven. Otten betoogde
in zijn artikel Machiavelli en Multatuli (1939) dat machtsuitoefening
bij Multatuli in dienst van de humaniteit gesteld werd. Daar was Du
Perron het geheel mee eens. Dit had tot nader contact kunnen leiden,
maar beiden overleden plotseling in de meidagen van 1940. Tot een vriendschap
is het daardoor niet gekomen.
Wim Hartman, wiens Goethe, de mens achter
de mythe eind februari verscheen,
heeft bekeken wat de ‘relatie’ van E. du Perron en M. ter
Braak met Goethe was. J.W. Goethe - het tegendeel van een vergeten
auteur, die dan ook alles in het werk stelde om zichzelf als geniale
figuur te promoten – blijkt maar weinig aandacht te hebben gekregen
van Du Perron en Ter Braak. Ze zagen hem als een niet meer gelezen
grote cultuurdrager, een onvermijdelijke naam in rangordes van genieën,
maar niet als een schrijver die betekenis voor ze had.
Willem Maas heeft als onderwerp ‘Jacques Gans en E. du Perron’.
Maas publiceerde in 2002 de biografie van Jacques Gans en in 2007 ‘Als
het moet, alleen tegen de hele wereld’. De briefwisseling tussen
Jacques Gans en E. du Perron 1933-1936. In 1933 leert de dan communistische
activist Gans (1907-1972) in Parijs de wat oudere DuPerron kennen,
na het schrijven van een stuk tegen diens artikel in Forum ‘Flirt
met de revolutie’. Al gauw raken ze bevriend. Gans is ervaren
in de praktische politiek. Du Perron, die zich juist in communisme
en fascisme verdiept, wordt zijn mentor als schrijver en helpt hem
aan werk. In de 43 brieven is de ontwikkeling van hun denken over de
politiek te volgen. Als Du Perron in 1936 naar Indië vertrekt,
is de vriendschap bekoeld. Gans is niet de opvolger van Bep geworden
als Parijs’ correspondent voor Het Vaderland. Later heeft Gans – inmiddels
medewerker van De Telegraaf geworden - zich overigens positief uitgelaten
over Du Perron, die zich van 1933-36 over hem ontfermde.
CvS
Foto : Jo
Otten, Brugge 1935. © Rob Groenewegen
Des
voorzitters jaarverslag 2006-2007
Bij de vorige algemene ledenvergadering werd nog gewag gemaakt van
de mogelijkheid om het E. du Perron Genootschap deel te doen uitmaken
van een nog op te richten Interbellum Cultuur Club, maar de belangstelling
voor Du Perron zelf vertoont een zodanige curve dat het vooralsnog
niet urgent is om wijdere cirkels te gaan trekken. Wel hadden de voordrachten
van de laatste tijd al een sterk interbellumkarakter: op de voorjaarsbijeenkomst
van 2006 sprak Wim Hazeu over de relatie Du Perron - Vestdijk en ikzelf
over Du Perron en Malraux in het licht van hun fascinatie voor het
Oosten, op de najaarsbijeenkomst in Utrecht liet Wim Hazeu zijn licht
schijnen op de relatie Du Perron - Slauerhoff, terwijl Mathijs Sanders
de naoorlogse receptie van Du Perron als belangrijk auteur van het
interbellum besprak. Vandaag krijgen we het een en ander te horen over
de relatie van Du Perron tot Jo Otten en die tot Jacques Gans.
Natuurlijk zijn er ook andere aspecten in leven en werk van Du Perron
die nader geëxploreerd kunnen worden, zoals zijn affiniteit met
de achttiende eeuw en de encyclopedisten, ook wel ‘de Franse
moralisten’ genoemd, zijn voorkeur voor meer Franse schrijvers
die hij gretig heeft gelezen zoals Stendhal, Gérard de Nerval
en Prosper Mérimée, voorts zijn betrekkelijke afkeer
van de waarden van de negentiende eeuw, ‘cet âge postiche’ (die
onechte eeuw), en ten slotte zijn gevoelig in het leven staan als twintigste-eeuwer.
Wat heeft Du Perron ons, als inmiddels éénentwintigste-eeuwers,
nog te zeggen? Een antwoord op deze vraag kan misschien gezocht worden
in de doelstellingen van de E. du Perronprijs, in 1986 op initiatief
van de gemeente Tilburg en de Faculteit Communicatie & Cultuur
van de Universiteit van Tilburg ingesteld ter bekroning van mensen
of instellingen die zich door middel van een actieve bijdrage aan de
cultuur verdienstelijk hebben gemaakt voor de bevordering van wederzijds
begrip en een goede verstandhouding tussen de in Nederland woonachtige
bevolkingsgroepen.
Het bestuur van het E. du Perron Genootschap meende vorig jaar dat
het hoog tijd was om contact te leggen met de jury van de E. du Perronprijs.
Uit dit eerste contact zijn allerlei initiatieven voortgevloeid. Allereerst
werd op het jaarlijkse Tilburgse symposium over jeugdliteratuur en
-cultuur - op 17 januari 2007 - een van de parallelsessies gewijd aan
Du Perron. Drie sprekers traden op: ik sprak zelf over Du Perron als
Indische jongen en Europees intellectueel, Piet Mooren ging in op de
geschiedenis van de E. du Perronprijs en Kader Abdolah, bekend schrijver
van niet-Nederlandse afkomst, behandelde Du Perron zoals hij hem heeft
geroken uit zijn brieven en werk.
Ten tweede vond er een debat plaats tussen een aantal laureaten van
de prijs over de multiculturele samenleving, waarbij citaten uit het
werk van Du Perron als kapstok werden gebruikt.
Ten derde werd het symposium opgeluisterd door de presentatie van een
speciale uitgave, die gezien het karakter van het symposium lag op
het vlak van de jeugdcultuur. Dit was het boekje François Charpèt
en andere beeldverhalen & 8 bladwijzers. Wij zijn blij dat Alain
du Perron toestemming heeft gegeven tot het reproduceren van de kindertekeningen
en beeldverhalen van zijn vader. De uitgave werd mede dankzij de prachtige
verzorging van uitgeverij De Buitenkant een groot succes, met aandacht
in de Volkskrant, NRC-Handelsblad en Het Parool. Bovendien zal er nog
een presentatie plaatsvinden van de uitgave, en wel op 20 mei om 19.00
uur, op de Pasar Malam in Den Haag.
Verder is er contact geweest met het Maison Descartes over de mogelijkheid
om daar een avond te houden gewijd aan de relatie van Du Perron met
bevriende Franse schrijvers als André Malraux, Pascal Pia en
Louis Guilloux. Ook ben ik benaderd door een Belgische hoogleraar die
woont in het dorp Chaumont-Gistoux en bevriend is met de huidige bewoner
van het kasteel van Gistoux, le notaire Jamar. Beiden zouden geïnteresseerd
zijn in een bijeenkomst die in het teken zou staan van Gistoux en Du
Perrons Belgische contacten. Over beide ideeën hoop ik later meer
te kunnen zeggen.
Vandaag wordt het zesentwintigste nummer van Cahiers
voor een lezer gepresenteerd, een nummer met een sterk Russisch karakter. Mijn dank
gaat wederom uit naar de redactie en naar Hilde van Loveren en haar
moeder, die alle exemplaren met particuliere toewijding hebben ingenaaid.
U zult zich afvragen wat er met nr. 25 is gebeurd, want dat is nog
niet uitgekomen. Dit komt omdat nr. 25 een jubileumnummer is, waarin
de lezingen van het Tilburgse symposium zullen worden opgenomen. Het
zal dan ook een extra dik nummer worden, dat op een andere wijze geproduceerd
moet worden dan gewoonlijk. U houdt dit dus tegoed!
Gezien de vele ideeën en initiatieven meen ik dat we de toekomst
van het E. du Perron Genootschap met vertrouwen tegemoet kunnen zien.
Ik dank de leden voor hun trouw en de bestuursleden en sprekers voor
hun inzet.
Kees Snoek, 28 april 2007
Publicaties
- Bart Slijper, Van alle dingen los. Het leven
van J.C. Bloem, Amsterdam/Antwerpen:
Uitgeverij De Arbeiderspers, 2007. (passim over Du Perron).
- Kees Snoek, ‘Entre l’Indonésie et l’Europe
occidentale. Le cas d’Eddy du Perron.’ In: Études
Germaniques, 62e année, Janvier-Mars 2007, no. 1, p. 67-74.
- Kader Abdolah, ‘Een gouden handdruk voor Du Perron. ’ In:
Zacht Lawijd. Literair-historisch tijdschrift, jrg. 6, nr. 3, april-mei-juni
2007, p. 24-27. Met een inleiding van Kees Snoek, p. 23-24. Voordracht
op 17 januari 2007 in Tilburg op het symposium ‘Oordelen op
maat’ als
een van de aan Du Perron gewijde sessies.
- Mathijs Sanders, ‘De houdbaarheid van een polemist. E.
du Perron en de literaire kritiek na 1945’. In: Zacht
Lawijd. Literair-historisch tijdschrift, jrg. 6, nr. 3, april-mei-juni 2007,
p. 28-49. Voordracht voor het E. du Perron Genootschap op 4 november
2006.
- Kees Snoek, ‘De receptie van Du Perrons Het land van herkomst
in het Franse taalgebied’. In: Kunsttijdschrift
Vlaanderen,
jrg. 56, juni 2007, p. 155-158.
- Les années trente: des Indes néerlandaises vers
la Republique d’Indonésie. Themanummer van Le
Banian 2007, nr. 3, 204 p. Met o.m. bijdrage van Kees Snoek over Sutan Sjahrir.
In
de pers
Over Charpèt:
- Hans Renders, De lijken rollen over het dek bij Du Perron.
Het Parool 26 februari 2007.
- Adrienne Zuiderweg, Recensie. Neder-L no. 0707.b (31 juli
2007)
(externe link www.Neder-L.nl)
Over Farce:
- Aankondiging in Mededelingen van het Centrum
voor Documentatie & Reëvaluatie 4(2007)
93 (14 mei).
Varia
Collectie Schuhmacher
Ons bereikte het treurige bericht dat op 8 juni
jl. de bekende Amsterdamse antiquaar Max Schuhmacher is overleden.
Hij was lid van ons genootschap. Enkele dagen voor zijn dood heeft
het Letterkundig Museum de collectie autografen verworven die door
Max en zijn zuster Wilma Schuhmacher is gevormd. Deze bevat brieven,
handschriften, getypte stukken, foto’s en tekeningen van meer
dan 350 schrijvers, waaronder E. du Perron. Eerder trachtte het Du
Perron Genootschap sponsors te vinden voor enkele brieven van Du Perron,
zodat die in openbaar bezit zouden kunnen komen. Het is verheugend
dat al dit bijzondere materiaal nu bij het Letterkundig Museum is terechtgekomen
en voortaan voor iedere geïnteresseerde toegankelijk is.
E. du Perronprijs 2007
Deze wordt op woensdag 23 januari 2008 in Tilburg
uitgereikt, tussen 15.30 en 16.15 uur, tijdens de jaarlijkse conferentie
over jeugdliteratuur met ditmaal als thema: 'Is er meer tussen hemel
en aarde? Over jeugdliteratuur, levensbeschouwing en filosofie'.
Graa Boomsma, "Bang voor dode moeder" (bespreking van: Donald
Antrim, Het leven nadien). In: De Groene
Amsterdammer, 25 mei 2007.
Graa Boomsma begint zijn recensie als volgt:
"In Nederland is E. du Perrons 'autobiografische roman' Het land
van herkomst (1935) nog steeds het beste voorbeeld van een genre dat
in de Amerikaanse literatuur door veel meer schrijvers wordt beproefd:
de memoires. Ik noem slechts William Styron en Philip Roth als veteranen
die binnen hun oeuvre werk hebben gemaakt van het persoonlijke gedenkschrift,
van levensherinneringen waarin familiedrama's of gezinsgeheimen met
schrijfambities verweven raken."
|
  |